Delen

Rosanne (32) is GZ-psycholoog binnen de trans zorg

“Het belangrijkste is dat je goed luistert. Dit klinkt vanzelfsprekend en makkelijk, maar is het niet.”

Autismespectrumstoornis bij vrouwen

Toen ik net afgestudeerd was werkte ik in de verslavingszorg. Ik had een jonge vrouw in behandeling en in haar dossier stonden allerlei diagnoses, waaronder een borderline persoonlijkheidsstoornis. Vrijwel iedere dag belde ze de receptie om meer medicatie en had ze allerlei vragen. Het hele team vond haar dwingend en manipulatief. Tot een arts opperde dat ze misschien autistisch was. Dat wierp een heel ander licht op haar gedrag.

Vastzitten in een diagnose

De medicijnen waarom ze vroeg hadden misschien niet met haar verslaving te maken, maar met het feit dat ze overprikkeld was. En wellicht stelde ze zoveel vragen omdat ze behoefte had aan duidelijkheid. Tijdens de opleiding leer je over de symptomen van autisme bij mannen, maar bij vrouwen manifesteert het zich anders en daar heb ik tijdens mijn studie psychologie niets over gehoord. Door deze ervaring heb ik geleerd hoe je vast kan zitten in een diagnose en hoe je gedrag ineens heel anders gaat interpreteren als je dat loslaat.

Eigen vooroordelen

Nu werk ik in de transgenderzorg. Laatst had ik het er met een arts over dat ons team geen trans mensen bevat. Hij lachte en zei: ‘Ik ben trans!’ Dit was een grappig moment. Voor ik deze baan had, dacht ik dat de genderzorg heel binair zou zijn: je ´kiest´ voor man of vrouw en daar hoort een bepaald traject bij. Dat is gelukkig niet zo. Iemand heeft zelf zeggenschap over hoe diens transitie eruit ziet. We houden steeds meer rekening met gender en sekse als spectrum met allerlei variaties. 

Belang van diversiteit

Uit verschillende onderzoeken blijkt dat diverse teams op de werkvloer beter presteren. Het genderteam waar ik werk is behoorlijk wit, terwijl onze doelgroep juist op allerlei manieren heel divers is. Ik zou het fijn vinden als ons team een betere afspiegeling was de maatschappij. Je hoeft natuurlijk niet op je patiënt of cliënt te lijken om goede zorg te geven, maar het is goed om je bewust te zijn van verschillen en je eigen – misschien onbewuste – vooroordelen. Die komen in een gemengd team denk ik eerder bovendrijven.

Benoemen en luisteren

Het belangrijkste is natuurlijk dat je goed luistert. Dit klinkt vanzelfsprekend en makkelijk, maar is het niet. Als psycholoog in de genderzorg heb ik een ingewikkelde positie. Mensen hebben vaak jaren op een wachtlijst gestaan en ervaren mij als iemand die over de rest van hun leven gaat beslissen: wel of geen transitie. Ik snap heel goed dat deze ongelijkheid onprettig kan zijn. Ik benoem het dus altijd meteen en vraag hoe de persoon tegenover mij dit beleeft. Het benoemen van zo’n situatie is nodig als ik me in iemand wil verdiepen. Zo komen we tot een écht gesprek. Het is onderdeel van goed luisteren en essentieel voor goede zorg.

 

De Tentoonstelling

In de ‘Komt een mens bij de dokter’-tentoonstelling zie en lees je de verhalen van mensen die, hoe verschillend ze ook zijn, één ding met elkaar gemeen hebben: ze zoeken naar passende zorg.